© Hans Op de Beeck

Vlaemsch

Sidi Larbi Cherkaoui en Hans Op de Beeck nemen een duik in de Vlaamse identiteit en hoe die zich vandaag verhoudt tot gisteren én morgen. Wat houdt ‘Vlaams zijn’ trouwens in? Wie kan daarop een antwoord formuleren? We vroegen het Sidi Larbi Cherkaoui.


Wat roept het woord Vlaemsch bij jou op?

Vlaemsch roept bij mij een beeld van een oude vergeelde krant op. Alsof je kijkt naar een ver verleden en iets dat tegelijkertijd dichtbij is. De krant dateert misschien maar van honderd jaar geleden, maar op korte tijd is er véél gebeurd. Het doet mij dus vooral denken aan het contrast tussen jongeren op Instagram of op Facebook vandaag en de tijd waarin communiceren over identiteit – het Vlaams zijn – via kranten of andere vormen van propaganda werd gehandhaafd.”

“Je hebt aan de ene kant Vlaams zijn dichtbij, en daarnaast de Vlaamse mythologie. Veel van dat laatste valt volgens mij te herleiden tot de schoolbanken. Daar overvalt je een soort indoctrinatie: je krijgt er een bepaalde esthetiek, een bepaalde manier van denken over jezelf en je omgeving ingelepeld. Een beeldvorming van je eigen cultuur, waarin je zo meegesleept wordt, dat het bijna zelfverheerlijking wordt. Waardoor je die ook niet in vraag stelt. Pas veel later besef je: welke prijs betaal ik hiervoor? En in hoeverre is wat ik dacht dat ons verleden was wérkelijk ons verleden?”

“Want op zich zit het complexer in elkaar natuurlijk: sommige schilders hebben inderdaad in Vlaanderen gewerkt, maar staken misschien alles wat ze kenden op in Italië, Spanje of Nederland. Hoewel er dus binnen Europa heel wat kunstconnecties bestonden, die vaak heel ver reikten, is er in Vlaanderen toch de noodzaak om te zeggen: “Nee nee, dat komt van ‘hier’.” Het moét uit de Vlaamse klei komen. Terwijl onze hele cultuur zo ontzettend beïnvloed geweest is door het buitenland.”

Denk je dat de Vlaamse identiteit net kan staan voor een kruisbestuiving – voor openstaan voor andere dingen in plaats van die nauwe definitie van ‘van hier’? Want op zijn best waren zelfs de Fiamminghi Nederlanders, niet?

“Ik denk dat ‘Vlaams zijn’ voor mij altijd wel verbonden is met geografie – je bent hier. Maar in een havenstad als Antwerpen bijvoorbeeld heb je sowieso het beeld van boten die binnen en buiten varen. En ook Brussel is een plek waar heel veel mensen landen en vertrekken. We zijn omringd door andere identiteiten zoals Duitsers, Nederlanders en Fransen. Dus je krijgt automatisch het gevoel dat we een soort centrum van diverse indrukken zijn. En ik denk dat wij op een of andere manier vanzelfsprekend met die andere identiteiten om moet gaan, dat wij moeten fungeren als tussenfiguur tussen Frankrijk en Nederland, tussen Duitsland en Frankrijk, …, tussen zoveel verschillende energieën. Als je identiteit op die manier benadert, wordt het veel boeiender. Omdat je dan ook in verbinding staat met elkaar en je niet afzondert. Want daar schuilt vandaag wel het gevaar in.”

Ik denk dat het noodzakelijk is om af en toe terug te gaan in het verleden, om je wortels op te zoeken en dan vooral om de knopen erin te ontwarren. Zodat je de toekomst terug tegemoet kan, zonder al te veel spanning.

Dus eigenlijk is ‘Vlaams’ een soort fluïde identiteit?

“Ik denk zeker dat ‘Vlaams zijn’ een fluïde identiteit is, zoals elke identiteit dat is. Kijk maar naar Engeland waar mensen, ondanks de Brexit, ongelofelijk veel van overzees overnemen. Want wat is er in feite echt Engels? Zelfs thee komt uit het buitenland. Het toe-eigenen van bepaalde elementen die van buiten de landsgrenzen komen, en verbonden zijn aan een of ander complexere historiek, is vanzelfsprekend. Dus ik zie dat als een constante transformatie, ja. Soms ben ik wel bang voor de richting die we momenteel lijken in te slaan. We vergeten heel veel van onze geschiedenis en we komen niet in het reine met bepaalde delen ervan. Ik denk dat het noodzakelijk is om af en toe terug te gaan in het verleden, om je wortels op te zoeken en dan vooral om de knopen erin te ontwarren. Zodat je de toekomst terug tegemoet kan, zonder al te veel spanning.”

“Met een familienaam als Cherkaoui, krijg je maar moeilijk het etiket ‘Vlaming’ opgekleefd, ondanks dat ik dat wel degelijk ben. Je botst op verwachtingspatronen. ‘Hans Op de Beeck’, die naam klinkt al meteen als een Vlaming of een Nederlander. Bij mij ligt dat complexer, het brengt een zekere spanning teweeg. Ondanks dat ik gewoon in Antwerpen ben geboren en in Hoboken opgegroeid, en waarschijnlijk veel Antwerpser spreek dan Hans of anderen. Het is wel altijd iets geweest waar ik zelf mee aan de slag moest. Om mensen te doen begrijpen hoe breed de waaier aan ‘Vlamingen’ wel kan zijn. Ik laat mezelf niet toe om mezelf uitgesloten te voelen. Dat is gewoon geen optie. Je hoort er eigenlijk altijd bij, ondanks het feit dat mensen je met plezier aan de kant schuiven.”

Cookies
KVS maakt gebruik van cookies. Omdat wij jouw privacy willen waarborgen én de gebruiksvriendelijkheid van je bezoek aan onze websites willen verbeteren. Wij vinden het belangrijk dat je weet hoe en waarom wij deze gebruiken.
Lees onze privacyverklaring